Wat is een geïnterneerd kind?
Een geïnterneerd kind is een kind dat geplaatst is in het kader van de wet tot bescherming van de maatschappij tegen abnormalen en de gewoontemisdadigers.
Kinderen die in het kader van die wet geplaatst zijn, hebben (of worden ervan verdacht) in een staat van krankzinnigheid of in een ernstige staat van geestesstoornis of van zwakzinnigheid, die hen ongeschikt maakt tot het controleren van hun daden, misdaden
Art. 1, 1ste lid Strafwetboek
of wanbedrijven begaan.
Art. 1, 2de lid Strafwetboek
De wet tot bescherming van de maatschappij bevat twee specifieke maatregelen die in de kinderbijslagregeling op dezelfde manier behandeld worden:
- inobservatiestelling (vergelijkbaar met voorlopige hechtenis) voor maximum een maand. Die kan worden verlengd maar mag niet langer dan zes maanden duren
- internering (vergelijkbaar met hechtenis), voor onbepaalde tijd
Als iemand tijdelijk in een gevangenis geïnterneerd wordt (door bijvoorbeeld plaatsgebrek in de psychiatrische afdeling) dan blijft dat een internering en geen hechtenis.
Recht op kinderbijslag: voorwaarden
Om kinderbijslag te blijven krijgen moet een geïnterneerd kind voldoen aan bepaalde wettelijke voorwaarden (onvoorwaardelijk recht, student, leerjongen/leermeisje, werkzoekende schoolverlater, kind met handicap of aandoening).
Hoe en aan wie wordt de kinderbijslag betaald?
Aangezien de plaatsing gebeurt door bemiddeling van de commissie tot bescherming van de maatschappij wordt ze beschouwd als een plaatsing door bemiddeling van een overheidsinstantie.
De kinderbijslag wordt dus:
- voor 2/3 betaald aan de instelling waar het kind geplaatst is
- voor 1/3 betaald aan de natuurlijke persoon die volgens de Algemene Kinderbijslagwet bijslagtrekkende is:
- de voorlopig bewindvoerder die werd aangesteld om de kinderbijslag van de geïnterneerde te ontvangen
- als geen voorlopig bewindvoerder werd aangesteld, de persoon die het kind voor zijn internering effectief grootbracht als dat kind op zijn adres gedomicilieerd blijft en als die persoon nog naar hem omkijkt
- anders ontvangt het kind de kinderbijslag zelf als het ouder is dan 16, getrouwd of ontvoogd is en een eigen adres heeft
Als de persoon die het kind voor zijn internering grootbracht niet langer naar hem omkijkt, kan de kinderbijslaginstelling de jeugdrechtbank vragen een bestemming te bepalen voor het derde van de kinderbijslag.